Manifesten uit de zeventiende eeuw
Tussen 1614 en 1616 verschenen in Duitsland drie geschriften over een geheime broederschap rond de figuur Christian Rosenkreutz. Of die broederschap werkelijk bestond is onzeker; de teksten waren mogelijk ook een oproep tot hervorming van kennis en geloof.
Wat volgde was eeuwen aan groepen, genootschappen en scholen die zich op deze beeldtaal beriepen. Er is dus geen één rozenkruiserstraditie, maar een familie van stromingen.
De roos op het kruis
Het kernsymbool is een kruis met in het midden een roos. Het kruis staat voor het leven in stof, tijd, beperking en beproeving. De roos staat voor de ziel die juist daarbinnen tot bloei komt.
De boodschap is daarmee geaard: verdieping vraagt geen ontsnapping uit het gewone leven, maar aanwezigheid erin.
Stilte boven vertoon
Bescheidenheid en terughoudendheid horen bij de traditie. Waar spiritualiteit een gevoel van superioriteit of geheime macht geeft, wijkt ze af van dit uitgangspunt.
Broederschap betekent hier dienstbaarheid en gelijkwaardigheid — geen rangorde van ingewijden.
